Hoe vaak hebben we het gezegd? Zo vaak, werkelijk ik ga het missen.
De mantelzorgtrein is voor een deel gestopt. Een deel wat zwaar was maar ook zo mooi en waardevol. Onderstaand de speech van mij over mijn vader.
Zaterdag 1 april j.l. met tranen voorgelezen…
Dank dat jullie er zijn op deze dag. Een bijzondere dag want gisteren had het zijn verjaardag moeten zijn. Maar hè pap, kijk eens ze zijn er vandaag voor jou, vandaag wordt je niet vergeten.
Het is vreemd om hier te staan als regisseur van het afscheid van mijn vader zonder dat mijn moeder er bij aanwezig kan zijn. Vandaar de foto van papa en mama zodat ze er toch een beetje bij is.
23 jaar deelden we lief en leed, goede en slechte tijden, met groot en klein verdriet.
Jantje, Jan of ook wel Jan van oons Dien en later Jan van Janni.
Wat had ik graag het jongetje gekend, het jongetje met een gouden stem voor die tijd, die zittend in de steeg tegen de muur bij de buren, deze hadden toen een radio, alle liedjes mee kon zingen. Zo mooi dat mensen stil bleven staan om te luisteren. Later speelde hij schuiftrombone bij de Koninklijke Muziekvereniging Exelsior in Hengelo.

De oorlogsjaren waren moeilijk en ook daar had hij later veel last van. De trilling van zijn hand had hij eraan overgehouden. Oud en nieuw waren de laatste drie jaar dramatisch.
De KNVB was zijn lust en zijn leven, hij was een rechtvaardige en eerlijke scheidsrechter die tot aan de eredivisie heeft gefloten, overal ging hij naar toe op zijn Kaptein Mobylet.
Trouwen, kinderen, een fijne schoonfamilie, de jaren van fietsen en kamperen. Deze gingen over in fijne vakanties naar Engeland, Frankrijk, wat heeft hij genoten. Mijn vader sprak geen talen maar kreeg altijd alles wat hij wenst.
Zijn kleinkind was zijn alles. Trots was hij eigenlijk op allemaal, zijn zoon en schoondochter en later ook zijn achterkleinkinderen.
Mijn vader leefde al een tijd in geleende tijd.
Sinds vorig jaar waren de zaterdagen van ons. Samen met mij erop uit. De Veluwe, pannenkoeken eten of gewoon genietend van een mooie laan met bomen.
Vanaf september vorig jaar zag ik hem stapjes inleveren soms klein, soms groot. Na 4 x een gele taxi met blauwe lampen naar het ziekenhuis, kon hij naar de Laarstaete waar hij vanuit het ziekenhuis naar verhuisde. En dan zie je iemand opfleuren, blij worden, de eenzaamheid uit zijn gezicht, een fijne kamer, leuke verpleging en hij voelde zich er thuis en geborgen.
Afgelopen weekend werd hij steeds zieker. Op maandag ben ik om 17 uur naast hem gaan zitten, gepraat en hij merkte nog dat ik er was. Veel herinneringen verteld en blij dat ik bij hem heb kunnen zijn en hem heb kunnen begeleiden naar de laan van het licht.
Nooit meer: “Hoi pap ik ben thuis, hoe is het?” Maar het is goed zo. Dank je wel voor een onvergetelijk jaar en alle jaren daarvoor.
Dag pap, dag scheids, tot straks hè.
De zaterdagen zullen nooit meer hetzelfde zijn, maar echt ik heb tig jaren om op terug te kijken. Jaren van mooie, fijne en goede vakanties en vele bijzondere momenten.
